Te weinig jonge aanwas onder grutto's in Nederland

Te weinig jonge aanwas onder grutto's in Nederland

Het zal niet lang meer duren voor de grutto in Nederland een zeldzame broedvogel is. Als er niet snel ingrijpende maatregelen worden genomen, tenminste. Dat stelt Julia Schröder naar aanleiding van haar onderzoek naar fitnesscorrelaties bij de grutto. Er is, met name, niet genoeg jonge aanwas. Schröder is op 11 januari aan de Rijksuniversiteit Groningen gepromoveerd op haar proefschrift `Individual fitnes correlates in the Black-tailed Godwit.

Op basis van de huidige gruttostand maakte Julia Schröder een eenvoudig mathematisch populatiemodel. Zelfs als de cijfers in dit model optimistisch geïnterpreteerd worden, is het volgens Schröder slecht gesteld met de toekomst van de grutto. "We weten dat het niet goed gaat met de grutto in Nederland, maar de omvang van het probleem wordt nog verhuld door de lange levensduur van de volwassen vogels. Doordat er echter nauwelijks jonge vogels bijkomen, vergrijst de populatie en neemt uiteindelijk af. Als we deze weidevogel hier willen behouden, moet er iets gebeuren."

Legdatum
Een van de zaken die Schröder onderzocht, was de manier waarop grutto's hun jaar indelen en wat daarvan de gevolgen zijn. In Nederland broedden grutto's oorspronkelijk in moerassen en veengebieden. In de eerste helft van de laatste eeuw werden veel van deze gebieden omgevormd voor agrarische doeleinden. De grutto's pasten zich aan en begonnen te broeden op gecultiveerd land. Bovendien vervroegden grutto's tot de jaren zeventig hun legdatum steeds meer. Hoogstwaarschijnlijk deden zij dit als antwoord op bepaalde landbouwactiviteiten op hun broedlocaties, zoals maaien. Omdat de landbouwactiviteiten nog altijd verder worden vervroegd, zou je verwachten dat dit ook voor de legdatum geldt; maar uit onderzoek van Schröder blijkt dat dit niet het geval is.

Broeden uitgesteld
Grutto's maximaliseren levensfitness door volwassenenoverleving te maximaliseren. Dat impliceert dat ze in een slecht jaar waarschijnlijk zullen afzien van broeden en de reproductie uitstellen tot een volgend, beter jaar. De veranderingen in het Nederlandse broedgebied van de grutto's zijn echter niet incidenteel, maar structureel. Er wordt steeds vroeger gemaaid en het klimaat blijft veranderen. In zo'n geval kan deze voorzichtige strategie ongunstig uitpakken voor vogels die meer investeren in zelf overleven dan in het produceren en grootbrengen van nageslacht, omdat die betere toekomst misschien nooit komt, aldus Schröder.

Werken aan overlevingskans van kuikens
Om de situatie van de grutto in Nederland te verbeteren moet er volgens Schröder worden ingezet op verbetering van óf de overlevingskansen óf van de reproductie. Overlevingskansen zijn lastig te verbeteren, omdat die al erg hoog is bij volwassen grutto's. Dus er moet gewerkt worden aan de productie en overlevingskans van de kuikens. Het stoppen van de achteruitgang in de populatie van de Nederlandse grutto is volgens Schröder alleen haalbaar als er veel geld voor uitgetrokken wordt. "In het licht van de eisen van de huidige agrarische economie en politiek valt het te betwijfelen of we in staat zullen zijn om de maatregelen te nemen die noodzakelijk zijn om de achteruitgang van de grutto in Nederland te stoppen of op zijn minst te vertragen. Als we verandering willen, moeten we de economische consequenties aanvaarden en snel en krachtdadig optreden."

Minder bont verenkleed
Een tweede aandachtspunt in het onderzoek van Schröder betrof het verenkleed van de grutto. De afgelopen 150 jaar zijn mannetjesgrutto's - die bonter gekleurd zijn dan vrouwtjes - steeds bleker geworden. Hoe het komt dat is niet volledig duidelijk. 'Vrouwtjes die hebben gepaard met blekere mannetjes, leggen grotere eieren met een grotere overlevingskans. Mannetjes die er meer uitzien als vrouwtjes zijn blijken succesvoller dan kleurrijke mannetjes. Het feit dat het broedgebied van grutto's in de loop der tijd verplaatst is van veengebied en moerassen naar hooiweilanden, heeft ze in staat gesteld dichter bij elkaar te broeden. Dat maakt het verdedigen tegen predatoren een stuk eenvoudiger. Mits de mannetjes onderling niet te agressief zijn. De reden voor het succes van blekere mannetjes kan zijn dat zij onderling minder last van concurrentiestrijd hebben dan hun bonter gekleurde seksegenoot.

bron: Rijksuniversiteit Groningen, 06/01/10



Nieuws


Het Kenniscentrum Weidevogels heeft weer met veel plezier het Jaarboek Weidevogels 2013 uitgebracht. Wij gaan er vanuit dat de inhoud van het jaarboek u, als direct betrokkene bij het beheer, beleid of de bescherming van weidevogels, zeker zal interesseren. Via dit jaarboek ontsluiten we actuele kennis, resultaten en ervaringen met betrekking tot weidevogels.  Zo houdt het Meetnet weidevogels de stand en trends van de weidevogels in Noord-Holland in de gaten. U leest over de resultaten van de Provinciale Weidevogeltelling (dit jaar in het westelijke deel van Waterland) en we besteden aandacht aan de gezenderde grutto’s van Noord-Holland. Verschillende weidevogelreservaten zoals Waal en Burgh op Texel passeren de revue. Over het algemeen gaat het nog steeds niet zo goed met weidevogels als we zouden willen. Toch blijven de beheerorganisaties, boeren en vrijwilligers in Noord-Holland zich onverminderd inzetten voor deze iconische soorten van het Nederlandse agrarische landschap. Als we samen blijven vechten voor het behoud van weidevogels door middel van gebiedsgericht beheer, biotoopverbetering voor weidevogels, goede monitoring en het inspelen op afwijkende weerssituaties kunnen we de negatieve weidevogel trend ombuigen. Dit fraai geïllustreerde jaarboek geeft deze verrichtingen weer.

Meer lezen

Interessante Links

Hier vindt u een aantal weidevogels links

Nieuwsbrief

Schrijf u hier in voor de nieuwsbrief.